Toenadering

Wat je uitstraalt, wat je bezighoudt, ontmoet je in de ander. Je trekt het aan als een magneet.

Je krijgt het gewoon vanzelf, zowel in anti- als in sympathiën en alles ertussenin in. Je mag hier alles over gaan weten, wil je in een fijne relatie belanden, want zulke energieën doen altijd hun werk. 

Grosso modo gaat het zo. Voel je je blij en gelukkig, dan zal je blijheid en geluk ontmoeten. Niks aan de hand dus. Alles gaat vanzelf. Je staat er ook niet bij stil. 

Voel je je eenzaam, dan zal je eenzaamheid aantrekken. Voel je je onzeker, dan dat. Trek je je graag terug, dan krijg je op je bordje van anderen dat zij zich graag terugtrekken, meestal van jou. Soms op het enge af. Energieën doen ook dat werk.

Ik raad dan ook aan om alleen te daten als je zin hebt in daten, zin hebt in ontmoeten, open staat voor het nieuwe dat anderen meebrengen. Doe zelfs je date-programma niet open als je mistroostig bent. Ga dan niet zoeken of in op een uitnodig. Kom eerst terug in balans. Want magnetisme laat zich niet foppen, je kunt niet doen alsof. Soms krijg je het dubbele terug van wat je probeert te verbergen. Beter is dan om eerst schoon te worden van aanhangend, vervuild gedachtengoed.

Toenadering is een ding op zich. Bij ontmoeten en daten is het belangrijk dat je te benaderen bent, benaderd wilt worden, niet alleen in de geest, juist samen met het lichaam. Bij duidelijke blijheid over nieuwe liefdeskansen is het zaak dat te laten merken, op een spontane, lekkere manier, zonder overdrijving.

Schrik je ergens van, dan kan je dat beter meteen benoemen, zodat het bij de ander duidelijk is waarvan (niet waarom, in het begin). Beter benoemd dan te verstijven en de blik naar binnen te keren, want dan word je direct afstandelijk voor de ander, het tegendeel van avontuurlijk en benaderbaar.

Vaak is benaderbaarheid al dichtgeklapt in de puberteit, of eerder, op de lagere school leeftijd of al tijdens de babyleeftijd. Met de handen in de suikerpot werd door bijna geen ouder gewaardeerd, sterker nog, het werd afgestraft, meermaals. Weg zin in avontuur. En de weg terug naar de schattige baby in het zelf kan alleen met gekronkel en geslijm. Sommige kinderen kiezen deze onnatuurlijke oplossing vanuit de natuurlijke wens geliefd te zijn. Niks is fout, wel zorgt het voor zorgen.

Kinderen bij wie de avontuurzin stelselmatig wordt afgebroken, zullen al gauw verlegen genoemd worden. Nou is verlegenheid in feite een verzamelnaam, voor allerhande pijnen. Een pasgeboren baby zal je niet gauw verlegen zien zijn uit zichzelf, behalve in een latere fase waarin dat juist geoefend moet worden. Een tweejarige die in het spijltjesbedje roept dat ie wakker is, wil weer spelen, iets nieuws leren en dus niet verlegen zijn. Elk kind zou op avontuur moeten mogen gaan, alles oefenen. Lekker springen en joelen en dan weer rustig worden. In balans komen, dat wel.

Kinderen die dit niet mogen, deze kans niet krijgen, gaan zich terugtrekken, niet meer tegenspreken, stil op de eigen kamer zitten. Ze lijken een zegen voor ouders want die hebben zo ontzettend graag rust in de tent. Zeker omdat ze het gigantisch druk hebben, later kinderen hebben gekrengen, sneller uitgeput raken, alleen moeten opvoeden. Egoistisch, ja, en begrijpelijk. Maar wel een misvatting, vind ik, een zeer pijnlijke misvatting.

Kinderen die stilvallen, kunnen opstandig en agressief worden als ze de redenen daarvoor met niemand kunnen delen, als ze niet werkelijk gehoord, erkend, herkend worden, gepest worden, afgescheept worden. Zij kunnen een gevaar voor zichzelf en zelfs voor anderen worden. Schietpartijen op scholen worden nooit uitgevoerd door open, spontane vrolijkerds.

Ik doe een pleidooi, een oproep voor spontaniteit, naar uitspreken hoe je je voelt, zonder de lading van voorgaande keren.

Ouders en andere opvoeders behoren actie te ondernemen om stilgevallen kinderen terug naar veiligheid van begrepen worden te begeleiden, naar openheid, naar benaderbaarheid. Dan hoeven deze er niet 20, 30, 40 jaar mee te blijven tobben.

Moge je toenadering, benaderbaarheid in je leven zoveel als mogelijk is gaan oefenen en je eigen maken. Desnoods met zelfopvoeding. Het valt te leren, het valt te doen. Vraag ernaar bij welke ‘ouder’ dan ook.

Zoek schaamteloos verder naar hulp als je het niet in je eentje voor elkaar krijgt. Je zult het eerst eng en dan heerlijk vinden. Een gouden regel: herhaling doet 't 'm. Je mag na 5 sessies  -waar dan ook- baat hebben; zoek anders naar vervanging. Blijf dus niet langer dan ong. een kwartaal bij een therapeut en wacht niet 'tot het beter wordt', die ken je wel, toch?  

Wil je zelf benaderbaar zijn, een waardevolle partner, ouder -ook al heb je zelf geen kinderen? Wil je een waardevol leven leren leiden? Leren houdt nooit op; er kunnen wel pauzes worden ingelast, die dan weer niet langer dan 3 maanden zouden hoeven duren, als er geen ernstige dingen gaande zijn, tenminste.

Ik moedig je van harte aan te werken aan een waardevoller leven, een met vruchtbare benaderbaarheid en toenadering. Een eerste contact leggen met een therapeut en/of coach is al een leermoment. Toch?

Plaats een reactie